Rock Olmen is een klassiekertje aan het worden op onze festivalkalender en dus was het gisteren weer tijd voor het jaarlijks uitstapje naar dit dorp / gehucht / deelgemeente / boerengat (schrappen wat niet past) van Balen.
We waren net op tijd om de set van Johnny Berlin mee te pikken. De mannen uit Sint-Truiden hebben blijkbaar een Afrekeninghit te pakken en dat doet mij vermoeden dat het heden ten dage wel heel gemakkelijk is om in de Afrekening te geraken. Het deed mij namelijk niet zo veel. De sound van Johnny Berlin lijkt wat op die van Team William, maar om de podiumprésence van laatstegenoemde te evenaren zullen de Johnny's nog veel boterhammetjes moeten eten. Best wel een verrassende en aardige cover van Sufjan Stevens' 'John Wayne Gacy, Jr.'
Creature with the Atom Brain heeft met Aldo Struyf een Millionairelid in de rangen en mocht de Kapel openen. Ze deden dat met veel te harde atmosferische rock. Technisch was het allemaal zeer strak gespeeld, maar opnieuw deed het me niets. Ik geef niet om techniciteit, ik geef om emotie. Als je dan nog eens weet dat het geluid in de Kapel ondraaglijk hard stond, besef je dat we dit optreden voortijdig verlieten.
Gelukkig waren er nog Duitsers om wat verandering in de zaak te brengen: The Germans dus. Geen echte Duitsers maar gewone Belgen uit de Vlaanders. De obligate Hitlergroeten van de vroegste zatlappen werden gelukkig snel achterwege gelaten toen The Germans aan hun set begonnen. En die set was een ideale opwarmer voor het optreden van Sonic Youth dinsdag. Vooral het laatste, epische nummer was enorm imponerend: traag begin, gestage opbouw om uit te barsten in een noisegolf met crescendo duellerende gitaren. Straf!
Straf is ook het minste wat je kan zeggen van Logh. De Zweden zijn stilaan het huisorkest van Rock Olmen aan het worden (nou ja) en stonden perfect geprogrammeerd in de Kapel. De liedjes van Logh kan je het best catalogeren onder de noemer 'schone muziek'. Live kwamen de gitaren wat meer op het voorplan ten voordele van de piano en dat kwam de set ten goede. Krachtige post-rockuithalen, ingetogen momenten als 'Death to My Hometown' en een gitarist die verdacht veel op Axl Peleman leek: meer moet dat niet zijn op een mooie zomeravond.
Headphone kan z'n naam beter veranderen in Radioheadphone. Gelukkig ben ik Radioheadfanatic en stoorde die overduidelijke invloed dus niet. 'Ghostwriter' is en blijft een schijf en volgens wat ik hoorde van hun set hebben ze er zo nog een stuk of twee in de wachtkamer. Een groep om in de gate te houden.
Ik zie mezelf nog niet zo snel naar The Black Box Revelation luisteren op plaat, maar wat ze live lieten zien was bepaald indrukwekkend. Ze speelden überstrak (met The Germans en Johnny Berlin op de affiche mag er al eens een germanisme worden bovengehaald) en zijn nu al een echte headliner. Het meeste respons kwam er uiteraard op 'Gravity Blues' en vooral 'I Think I Like You', maar met slechts een plaat onder de arm konden ze toch al een hele set begeesteren, wat voor zo'n jonkies zeker geen evidentie is. Rock 'n' roll uit de ouw castrol, om het met de woorden van een gekke Olmenaar te zeggen.
Nog even dit: wat een domme, domme, domme mensen zijn er toch. Zoals dat foorwijf (een pejoratieve term die slechts in enkele welomlijnde gevallen op zijn plaats is, dit was een schoolvoorbeeld van zo'n geval) dat bij Logh voor ons stond en het maar niet kon begrijpen dat niemand uit de bol ging. Er is een tijd en plaats voor alles, mens, maar als je het verschil niet ziet tussen een elektro-dj en een groep als Logh, wel, you fail at life. En nee, d'er is 'niemand dood of zo', maar als je zo had blijven zagen had daar wel voor gezorgd kunnen worden. Zo, dat lucht op.
Soundtrack van deze post: M83 - Dead Cities, Red Seas & Lost Ghosts.