zaterdag 24 november 2007

get on your dancing shoes

Nu ik voor het eerst sinds eeuwen op zaterdagavond thuis ben, slaat de verveling uiteraard weer toe. Het voordeel is natuurlijk wel dat ik zelf de soundtrack van m'n avond kan samenstellen en die overtreft die van een avondje Mol wel lichtjes. De sleazy electro knalt hier weer uit de boxen ten huize Tommasi. Vanmiddag maakte ik nog een compilatie genaamd 'do the D.A.N.C.E.' met dat soort muziek:

Melinda Jackson * Fall In Love (Van She Tech Remix)

Sébastien Tellier * Sexual Sportswear (SebastiAn Remix)

Mr. Oizo * Nazis (Justice Remix)

The Gossip * Jealous Girls (New Young Pony Club 12" Remix)

All Saints * Chick Fit (Kissy Sell Out's Excellent Adventure)

Justice * D.A.N.C.E. (MSTRKRFT Remix)

Bloc Party * Flux (JFK Remix)

Purple Crush * Vacation (Loud Pipes Remix)

New Young Pony Club * Get Lucky (MSTRKRFT Remix)

K.I.M. * Wet 'n Wild (Midnight Juggernauts Remix)

Dragonette * True Believer (Damage on the Backseat Remix)

Groove Armada * Song 4 Mutya (Kissy Sell Out Remix)

The Libertines * Ha Ha Wall (Kissy Sell Out Bootleg)

Chromeo * Bonafied Lovin' (Yuksek Remix)

M.I.A. * Boyz (Hatchmatik Remix)

Digitalism * Pogo

Zestien tracks die dansvloeren kunnen laten ontploffen. Niet in Mol uiteraard, daarvoor is dat boerengat een beetje te achtergesteld, achterlijk en gefocust op pure boereleutige chiromuziek, maar elke smaakhebbende feestmeute zou deze nummers, uiteraard professioneel aanééngemixt door retreat! retreat!, kunnen smaken. Van een beetje schaamteloze zelfpromotie is nog niemand doodgegaan! Zeker niet nu we niet meer aan de bak dreigen te komen in Mol. Voor meer van dat lekkers kan je de tagpagina op m'n Last.Fm-profiel checken.

this is the difference between living and not living

Sinds ik Minus the Bear vorig jaar aan het werk zag in JC Horizont in Merrêt (Meerhout voor de Antwerpse onwetenden) ben ik een fan van hun muziek. Hun optreden in Trix kon ik dan ook niet laten liggen. Dat I Was A Cub Scout en The Sedan Vault het voorprogramma mochten bevolken en de inkom voor ons niet meer dan anderhalve (1,5!) schamele euro'tjes bedroeg (cultuurcheques ftw), maakte het feest er enkel groter op. Trix is stevig aan het oprukken in mijn lijstje van favoriete concertzalen (het moet enkel de ongenaakbare Botanique laten voorgaan) en was voor de gelegenheid gevuld met belachelijk veel bekend volk uit de stille Kempen, op de purp'ren hei.


De vorige drie keer dat ik The Sedan Vault bezig zag, konden ze me niet imponeren. Waar ze op plaat een bepaalde intensiteit aan de dag leggen vervliegt hun sound van het moment ze een podium op stappen. Uiteraard gebiedt de eerlijkheid me er bij te zeggen dat ik ze enkel nog maar mocht bewonderen op festivalpodiums (Pukkelpop, Koergekweel, Rock Olmen) waar de omstandigheden voor een groep als The Sedan Vault verre van ideaal zijn. Ze kregen dus nog één kans om te tonen wat ze in zaal vermogen. En die grepen ze met beide handen. Het eerste nummer was nog flets en ongeïnspireerd en deed het slechtste vermoeden maar daarna zetten ze een strak setje neer dat afwisselde tussen nummers van hun vorige plaat en nieuw werk. Hun sound, die het midden houdt tussen The Mars Volta en 65daysofstatic, komt veel beter tot z'n recht in een intimistisch zaaltje als dat van Trix.


I Was A Cub Scout is een Brits duo (!) dat een ondefiniërbare indie electronica speelt. Ik kende hen enkel van de uitstekende single Pink Squares maar ze wisten me te verrassen door hun electronica perfect te verweven met de drumpartijen van de energetische drummer (duh). De muziek is misschien te vergelijken met die van Minus the Bear, als is die van IWACS wat dromeriger, etherischer ('k had zin om eens een woord te gebruiken dat ik zelf maar half snap) en minder afgelijnd.


Minus the Bear vulde de verwachtingen volledig in. Hun op electronica gestoelde indie rock deed de aanwezigen letterlijk goed aan het hartje. Hoewel hun nieuwste album Planet of Ice een uitstekende schijfje is, waren het de nummers van hun vorige, Menos el Oso, die het meeste impact hadden. The Fix bijvoorbeeld, een geweldig zomerse jam en een perfecte samenvatting van alles wat er zo goed is aan MTB. Anderen vonden dan weer de nieuwe nummers het best, zoals de epische afsluiter Lotus. Beide kampen konden zich echter perfect verzoenen met bisnummer Pachucha Sunrise, het absolute meesterwerk van het Amerikaanse vijftal én één van de beste nummers van vorig jaar. Genoeg gezeverd, ik laat de muziek voor zich spreken:

woensdag 21 november 2007

little miss sunshine

Gisteren heb ik voor het eerst sinds lang nog eens een filmpje bekeken. De eer was weggelegd voor Little Miss Sunshine, een lichtvoetige indie komedie die vorig jaar héél wat goede kritieken kreeg en daardoor al langer op m'n lijstje stond.

Little Miss Sunshine gaat over een zootje ongeregeld dat zich familie mag noemen. Wanneer dochter Olive wordt geselecteerd voor een kindermissverkiezing in één of andere vergelegen staat besluiten ze zich te wagen aan een ware roadtrip in een aftands hippiebusje. Met een drugsverslaafde opa, een homoseksuele nonkel met suïcidale trekjes en een koppig zwijgende broer weet je dat er vanalles mis kan gaan, en zoals het een komedie betaamt gaat ook alles mis wat er mis kan gaan.

De film probeert zo goed en zo kwaad als mogelijk weg te blijven van de platgereden paadjes van de roadmovie, slaagt daar niet altijd in, maar de poging is lovenswaardig en alleen daarom is het al een verademing tegenover vele Hollywoodkomedies. Bovendien is de soundtrack uitstekend met de glorieuze instrumentale intro van Sufjan Stevens' Chicago als hoogtepunt.

zondag 18 november 2007

heavy night, it was a heavy night

pre scriptum #1: op algemeen verzoek heb ik de kleuren van m'n blog veranderd. Een tijdje geleden vond ik een fijn knopje genaamd 'kleuren van blog veranderen'. Een klikje later was dit het resultaat.

pre scriptum #2: excuses voor de laatheid van dit bericht maar het moet zowat de meest tamme week ooit geweest zijn. 'k Heb nu pas de moed gevonden om toch iets neer te typen. Ik mag deze blog niet laten sterven zoals alle andere dingen die ik ooit begon (verdorie, short attention span!). Excuses ook als deze post een beetje onsamenhangend overkomt. Dat is omdat hij onsamenhangend IS. 'k Ben blijkbaar niet echt een staat om m'n gedachten te ordenen volgens enige logica.

pre scriptum #3: de onderstaande foto moet zowat de coolste Bloc Party foto ooit zijn. Probeer het maar eens oneens te zijn met mij.



Genoeg geprescriptumd! Over naar de feiten. 'k Verklap alvast dat Bloc Party z'n status van beste band ooit (damn, ik heb in deze post al drie keer gezegd dat iets het x'ste ooit is, en 'k ben nog maar net bezig) niet verloor na hun prestatie in de Lotto Arena. Nu ja, niemand die me kent had het tegendeel durven voorspellen van een groupie als mezelf.

De Lotto Arena is een vreselijke zaal! Niet zozeer de zaal op zich, maar de organisatie is ontoereikend. Er is één belachelijk klein vestiaire'ke voor (als het uitverkocht is) 7000 man. We waren redelijk op tijd aanwezig en toch misten we het voorprogramma door dit geknoei. Jammer, want ik had wel eens willen horen hoe Metronomy live klinkt. Het eigen werk van deze electronicawizards vind ik niet zo indrukwekkend maar hun remixen (voor Dead Disco, Kate Nash, Temposhark,...) mogen er absoluut wezen.

Gelukkig was er Bloc Party om de dag te redden. Net als bij het optreden in de Ancienne Belgique werd de set ingezet door A Weekend in the City-opener Song For Clay (Disappear Here). De scherpe gitaar van Russell Lissack en een meneer Okereke die beter klonk dan in de AB brachten het publiek al snel in extase waarna Matt Tong het optreden echt in gang mocht meppen.

Via Positive Tension en Blue Light kwamen we bij publiekslieveling Hunting for Witches. Na de elektronische intro was het weer Lissack's gitaar die de zaal in lichterlaaien zette (die groupies hadden gelijk: die man ís echt onderschat!). Vanaf dan viel het optreden op geen enkel moment meer stil. Waiting for the 7.18 ging subliem over in über-Bloc Party-song Banquet. Vier jaar na de release van dat nummer is het zowat uitgegroeid tot hét anthem van deze generatie. Dat is in ieder geval wat ik graag geloof en 'k raad iedereen aan om geen poging te doen om me op andere gedachten te brengen.

This Modern Love zorgde daarna even voor een adempauze maar echt lang gunde Bloc Party ons die niet. The Prayer dwong het publiek immers terug de dansspieren aan te wenden in plaats van de ademspieren (of zoiets). Toen ook nog Flux (dat live nóg beter klinkt!) en all time favourite Uniform opdoken was het onmogelijk om nog terug te keren uit de gung-ho-toestand waarin iedereen zich ondertussen bevond (valt het overigens op dat ik meer en meer geïndoctrineerd geraak door de geniale website Urban Dictionary?).

De rustige finale met So Here We Are en een schitterende Like Eating Glass eindigden het optreden veel te vlug, maar gelukkig niet defenitief. Toen de roadies een tweede drumstel aansleurden voelde ik het prachtige Sunday in de lucht hangen. Maar eerst was het nog tijd voor een enorme verrassing toen Kele verkleed als aap het podium terug opstormde! 't Is inderdaad "amazing what you can find backstage." De storm genaamd Luno was de voorbode voor een van de mooiste liefdesliedjes ooit (weeral!): Sunday, misschien wel m'n favoriete nummer van het moment. De dubbele drums, lyrics als You see giant proclamations are all very well/But our love is louder than words die leiden naar een enorme gitaarexplosie: alles aan deze song schreeuwt luid "PERFECTIE!".



Kele Okereke riep daarna op tot wat minder beleefdheid en wat meer stoutheid. Aan die oproep werd onmiddellijk gehoor gegeven toen Bloc Party nog twee bommen op het volk afvuurde. She's Hearing Voices was voor mij het absolute hoogtepunt en de collectief dansende menigte leek me daar gelijk in te geven. Ook Helicopter blijft natuurlijk een schijf die elk publiek kan inpakken. De tweede bisronde bracht ons nog klassieke afsluiter The Pioneers (met gsmlichtjes overal) en liet ons naar meer verlangend achter.

Schitterend optreden dat ongeveer op gelijke hoogte komt als dat in AB. Wat een entertainer trouwens, die Kele Okereke: springend, crowdsurfend, het publiek ophitsend, ...

De shopaholic in mij besliste nog wat cash over de toonbank te gooien (t-shirt, vinylbox, poster) waarna het in Antwerp-city nog een, en ik citeer uit Canadese bron, compromisloos, zat Belgisch feestje werd.


setlist


song for clay (disappear here)
positive tension
blue light
hunting for witches
waiting for the 7.18
banquet
this modern love
the prayer
flux
uniform
so here we are
like eating glass



luno
sunday
she's hearing voices
helicopter


the pioneers

zondag 11 november 2007

Tomasz houdt van techno

Nou ja, als ik op de hele avond vijf minuten techno gehoord heb zal het al veel zijn. 'k Heb zelfs meer post-rock dan techno gehoord! Maar nu loop ik op de zaken vooruit. Laat ik maar beginnen bij het begin.


Gisterenavond vertrok ik om zeven uur met trouwe compagnons Joris en Dave om twee treinritten, een tramrit, twee lange aanschuifrijen, een vestiairebezoek en een slordige drie uur later de Flanders Expohallen in Gent te betreden. I Love Techno, hét Belgische dance-feest bij uitstek lokte weer 35 000 toeschouwers van over héél Europa. Al gauw werden we dan ook om de oren geslagen met Air Max'en, gouden kettingen, trainingsbroeken en andere oorbellen: de clichés van het genre, zeg maar. Toch was er in en rond de blauwe en oranje zaal opvallend veel Pukkelpopvolk terug te vinden. Dat hoeft niet te verbazen aangezien de affiche van de boilerroom zowat integraal naar Gent gekopiërd was. Het bevestigt ook de stelling dat subculturen een langzame dood aan het sterven zijn (hey, ik moet over dit onderwerp een scriptie schrijven, dan mag ik ook wel eens uitpakken eh!). Vroeger was het voor een rockliefhebber not done om ook van elektronische muziek te houden. Nu kijkt niemand er nog van op. De hedendaagse jongeren samplen het beste van alle werelden. Een mooie evolutie. Er zijn natuurlijk uitzonderingen: een metalhead zal je niet zo snel betrappen op Britney Spears-luisteren.

Een eerste teleurstelling kwam er wel al snel toen bleek dat we te laat waren om Klaxons aan het werk te zien. De Britten stonden hoog op m'n prioriteitenlijst na hun excellente debuutalbum Myths of the Near Future en de lyrische woorden die Jean te koop had over hun optreden in Vancouver. Misschien moet ik Soulwaxmas toch maar eens overwegen.

Veel tijd om te treuren hadden we echter niet. We repten ons richting blue room (die zowat onze uitvalsbasis werd voor de rest van de nacht) voor een live-setje van Simian Mobile Disco. Het plan was om zo snel mogelijk wat 'pinten te knallen' (uitspraak van de dag!) zodat we in de stemming kwamen to D.A.N.C.E. Dat lukte prima want voor we het wisten stonden we te geven op hitjes als It's the Beat en Hustler. En alsof SMD mijn Klaxons-teleurstelling had geroken, speelden ze hun uitstekende remix van MagicK.

Daarna was het kiezen tussen Boys Noize en Dr. Lektroluv. Instinctief zou ik de Duitser geprefereerd hebben, maar onze Dr. Lektroluv fanatic Joris stelde zijn veto. En maar goed ook! Dr. Lektroluv is een hitjes-dj die perfect weet wat het publiek wil. Gedurende anderhalf uur wisselt hij underground electro af met bekender werk. Het laatste halfuur kwam de groene elektrodokter echt op dreef met New Order's Blue Monday en Killing in the Name of van Rage Against the Machine. Ook Boys Noize kwam aan bod: met z'n eigen & Down en met z'n remix van My Moon, My Man (misschien wel de beste remix van het jaar, of is Standing in the Way of Control (Soulwax Nite Version) ook van 2007?), het hoogtepunt van de set. Dr. Lektroluv is één van de betere dj's van het moment en staat blijkbaar altijd garant voor een dik feestje!

Een nieuw dilemma meldde zich aan: Goose vs. Digitalism. Goose was samen met Arcade Fire de enige band die op Pukkelpop mijn vijfsterrenstatus kreeg toebedeeld. Digitalism is dan weer een groot voorbeeld voor retreat! retreat! (let ook op de fysiologische gelijkenissen). Uiteindelijk haalde Digitalism het, omdat ik hen nog nooit live kon bewonderen. De Duitsers zorgen voor een frisse wind in de electrowereld. Niet alleen brengen ze hun vocals en drums zelf én live, ze hebben ook een sound die ontegensprekelijk de hunne is, in tegenstelling tot die andere electro darlings Justice. Digitalism speelde een stomend setje waarin alle krakers de revue passeerden: Magnets, Echoes, Idealistic, Digitalism in Cairo, Jupiter Room en natuurlijk het feestanthem Pogo. De lyrics van dat laatste nummer waren eigelijk de perfecte samenvatting van de set en bij uitbreiding de hele nacht: "There's something in the air woohoow", of nog "we could get so wasted". Of zoals het klonk in een ander nummer: "This is the biggest party ever!"

Onze portie minimale techno hadden Dave en ik vorige week al gehad en dus lieten we de nochtans verrukkelijke Ellen Allien (voor de slechte verstaanders: klik op de linken voor foto's; hey, ik moet toch iets doen om volk te lokken naar mijn blog) links liggen om wat te gaan chillen en uitrusten van de geleverde prestaties. De eerste vijf minuten van haar setje waren die enige techno-minuten waar ik het al eerder over had.

De Britse wonderboy Erol Alkan (met de coolste merchandising) had ondertussen in de orange room plaatsgenomen achter de decks. Hoewel het algemeen niveau van zijn dj-set lager lag dan die van Dr. Lektroluv, zorgde hij wel voor het OMGWTFBBQ-moment van I Love Techno. Na zijn 'simple yet effective' remix van Digitalism's Jupiter Room (acht minuten!), hoorden we opeens de gekke stemmetjes van Atlas van Battles. Jawel, Erol durfde het aan van post-rock (erg dansbare post-rock, dat wel) te draaien op een techno-event. Retreat! retreat! vraagt zich al maanden af waarom geen enkele bekende dj zoiets doet en nu is het dan toch zover. Erol is echter niet de eerste aangezien retreat! retreat! (toen nog The Hypes) er zelf in augustus op een lokaal feestje in Mol al een Atlas wou tussenzwieren. Wegens beperkte draaitechniek lieten we het toch maar achterwege in onze defenitieve set, maar het idee was er! En nu hebben wij eindelijk een waardige opvolger. Hoezee!

Na koning Erol was het tijd voor Justice! Ondertussen had ik mijn eerste, tweede en derde 'klop' al overwonnen. De vrijdagavond zal daar zeker niet vreemd aan geweest zijn (scenario. negen uur: "morgen I Love Techno! 'k Ga 't niet te laat maken vandaag." * vier uur: "fuck!"). Ook de tropische temperaturen die de orange ondertussen bereikte deden eerder slecht dan goed. Toch nog een laatste keer alles geven (jezus, hoe marginaal, "alles geven")! Justice kwam traag op gang maar na D.A.N.C.E. liep het toch los. Hoogepunten waren even legio als voorspelbaar: DVNO, Tthhee Ppaarrttyy (uffie of course), Phantom, Waters of Nazareth, ... Op We Are Your Friends ging het dak helemaal van de keet. Ik blijf het jammer vinden dat Justice blijft koketteren met een nummer dat eigelijk niet van hen is (Simian!), al moet ik er eerlijkheidshalve bij vertellen dat ik het op dat moment niet aan m'n hart liet komen.

We hadden niet meer de moed om de laatste acts van de nacht (MSTRKRFT) te checken en dus vertrokken we, na onze bonnetjes opgedaan te hebben aan nutteloze dingen als frieten, cola en fruitsap, maar terug richting het oude, vertrouwde Mol. De aandachtige lezer weet dat ik mij goed geamuseerd heb en de héél aandachtige lezer beseft waarschijnlijk dat ik volgend jaar, mits een goede affiche, terug in Gent zal staan.

zondag 4 november 2007

is it a dream? is it a lie? i think i'll let you decide

Mijn woorden komen wellicht te kort om het optreden van Arcade Fire te beschrijven. En toch ga ik het proberen. 'k Las ergens een review waarin het omschreven werd als een religieuze ervaring en dat komt waarschijnlijk nog het best in de buurt. Ik wachtte speciaal een dagje langer om mijn verslag neer te pennen om niet te kunnen beschuldigd worden van schrijven in de euforie na een concert (eigelijk was ik gisteren gewoon te lui, maar deze reden is mooier), maar dat bracht weinig zoden aan de dijk, vrees ik.

We waren net iets te laat in Vorst om het voorprogramma Wild Light mee te pikken. Een support act missen is niet mijn gewoonte, maar gelukkig had het geen nare gevolgen want we hadden nog altijd een degelijke plaats op het middenplein. Vorst Nationaal kan je best omschrijven als een gepimpt Koninklijk Circus. Het contrast met pakweg Botanique (nog altijd m'n favoriete concertzaal!) kan amper groter zijn. Waar je aan de kruidentuin gezellig je pintje kan consumeren aan een tafeltje ben je in het onpersoonlijk Vorst Nationaal niet meer dan een nummer. En dan te bedenken dat Arcade Fire een drietal jaar geleden nog optrad in die Botanique!

Muziek! Toen Arcade Fire in april haar optreden in de hallen van Schaarbeek cancelde was ik er het hart van in. Maanden keek ik uit naar dit gebeuren en al dat verlangen werd aan diggelen geslagen door één berichtje op de website. Gelukkig kwam er snel een nieuwe kans op Pukkelpop. Door geluidsproblemen ging dat concert een beetje de mist in en toch was het voor mij hét hoogtepunt van het festival (ik geef het toe: ik ben een geobsedeerde fanboy).

De show stak van wal met twee van de beste singles van het jaar: Keep the Car Running en No Cars Go (is No Cars Go eigelijk een single geweest? indien niet moeten ze dat er dringend van maken!). Régine kreeg al vroeg de kans om haar vocale kwaliteiten te bewijzen (iets wat ik miste op Pukkelpop) met Haiti, Black Wave/Bad Vibrations en vooral In the Backseat. Dat laatste nummer begint als een rustig kabbelend beekje met Régine op haar breekbaarst om later uit te barsten in post-rock waanzin. Kippenvel! Geniet hier zelf van het nummer zoals ze het speelden in Paradiso:



Arcade Fire kan ingetogen zijn, maar op hun best zijn ze wanneer ze theatraal kunnen uitpakken. Op Neighborhood #2 (Laika) bijvoorbeeld met een hoofdrol voor een op alles meppende Richard Reed Parry (je weet wel, de man met de modieuze bril). De tien (!) leden van Arcade Fire die zich op het podium hadden weten te hijsen, wisselden onderling vlotjes van instrument (Régine op drums = love) en brengen hun rijke geluid van op plaat probleemloos live.

Het grote kerkorgel dat ze meezuilen kwam voor het eerst in het stuk voor tijdens Kiss Off, een indrukwekkende cover van Violent Femmes. Wie trouwens denkt dat Arcade Fire een serieuze (lees: saaie) band is, komt bedrogen uit. Het is duidelijk dat ze zich oprecht amuseren op het podium. Het spelplezier druipt er af. Régine die met haar schattige danspasjes de hele zaal vertederd, de sirenes en andere gekke geluiden die ze soms in hun nummers vermengen, ... het is allemaal écht, niet gemaakt of prefab maar echt oprecht, of oprecht echt.

Na Ocean of Noise kwam het optreden echt op kruissnelheid. Neighborhood #1 (Tunnels) werd door iedereen meegekweeld. The Well & the Lighthouse en (Antichrist Television Blues) waren de stilte voor de storm genaamd Neighborhood #3 (Power Out). En toch moest het beste nog komen! Rebellion (Lies) is mijn favoriet nummer aller tijden! Voilà, dat mocht ik eigelijk niet verklappen want ik wou er nog een aparte blogpost aan wijden maar soit. Het mag dan ook geen verbazing opwekken dat de beginnoten absolute hysterie veroorzaakten bij mij en duizenden anderen. Rebellion was het hoogtepunt van een met hoogtepunten overladen show. 'k Ga hier nog eens de YouTube-hoer uithangen en een uitstekende live versie posten:


De Canadezen lieten de om-meer-schreeuwende zaal achter om luttele minuten later de smeekbede's te beantwoorden met een vlammende bis. Intervention is een massief anthem dat tegen georganiseerde religie fulmineert en gedragen wordt door het alleswegblazend orgel. Moet ik er, na die omschrijving, bijzeggen dat het geweldig was? Het epische Wake Up sloot dit oerconcert op een geniale wijze af.

Toen de laatste tonen wegstierven bleef ik stiekem hopen dat de lichten niet zouden aangaan, maar dat deden ze wel. Tergend langzaam. Ik ben nog meer van mijn stelling overtuigd dat Arcade Fire de beste live band van het moment is, en ware het niet vanwege mijn ongezonde obsessie met Bloc Party vond ik ze wellicht zelfs de beste band tout court. Het optreden was er in ieder geval één om in te lijsten en voer voor de eindejaarslijstjes!

setlist:

Keep the Car Running
No Cars Go
Haiti
Neighborhood #2 (Laika)
Black Mirror
Black Wave/Bad Vibrations
In the Backseat
Kiss Off (Violent Femmes cover)
Ocean of Noise
Neighborhood #1 (Tunnels)
The Well & the Lighthouse
(Antichrist Television Blues)
Neighborhood #3 (Power Out)
Rebellion (Lies)

Intervention
Wake Up

vrijdag 2 november 2007

aftellen

Over enkele uren speelt Arcade Fire het dak van Vorst Nationaal! Om het wachten te veraangenamen post ik een live versie van Wake Up op Glastonbury. Gelukkig heeft Glastonbury geen dak want anders was het weg. Let ook op de schattige laarsjes van Régine Chassagne (de dame achter het keyboard), mijn toekomstige vrouw...

donderdag 1 november 2007

we will not retreat! this band is unstoppable!

De Avonden wordt op de website omschreven als een manifestatie die muziek, woord en beeld verenigt en wordt dit jaar georganiseerd ter vervanging van De Nachten, dat een verhuisoperatie ondergaat. In de Singel is er aandacht voor het betere literaire werk, maar ons interesseert uiteraard vooral de uitstekende muzikale affiche die werd bijeengescharreld. En dus gingen Dave en ik op Halloweenavond een kijkje nemen op het Late Nite gedeelte van het festival in Petrol.

Petrol is al de derde nieuwe concertzaal die ik in anderhalve maand tijd ontdek, na Trix en het Koninklijk Circus en met Vorst Nationaal in het vooruitzicht. Dat schreeuwt om een woordje uitleg! Petrol is gevestigd in een loods aan de rand van de Antwerpse haven waar vroeger een afvalverwerkingsbedrijf onderdak had. De desolate industriële look geeft de club een bepaalde tristesse mee. Volgens sommige bronnen niet meer dan een veredeld jeugdhuis (nog nooit in Mol geweest, zeker?), maar dat is, inderdaad dank daarvoor, beter dan de loungegedrochten die her en der opduiken. Petrol lijkt me beter geschikt als club dan voor live-optredens, maar dat kon de pret niet drukken.

Al begon de avond met een kleine ontnuchtering! Pintjes aan 2,25 euro, dat is voor arme studentjes net iets te veel van het goede!

De eerste 'performance' kwam van een zogenaamde literaire dj: een zekere Lowdjo die er een erezaak van maakte zo arty farty mogelijk uit de hoek te komen. Hij draaide geen muziek maar een opeenstapeling van al dan niet bekende quotes, van The Simpsons tot, en ik citeer, "ceci n'est pas une pipe *miaaaaaaaaow* ceci est une pipe *miaaaaaow* ceci n'est pas une pipe * miaaaaaow* this is not a pipe *miaaaaaaow* this is a pipe *miaaaaaow* ceci n'est pas une pipe *miaaaaaaow*" (en zo een vijftal minuten aan een stuk). Je begrijpt: niet meteen het aangenaamste optreden dat je je kan inbeelden, en ik vroeg me dan ook hardop af of iemand hier boodschap aan had.

Verbetering kwam er met Buscemi, die voor de gelegenheid de handen in mekaar sloeg met cartoonist Kim. Zeker niet indrukwekkend maar na meneer de literaire dj had ik wellicht zelfs een loeiende koe op het podium kunnen appreciëren.

Het programma vertoonde daarna even een inzinking en dat was voor ons reden genoeg om bij te tanken op mijn kot (fuck hoge bierprijzen!). Toen we terug aankwamen was de sympathieke Gentse groep Thou al begonnen aan haar set. Buiten hoorde we nog een jonge hipster vertellen dat Thou een totale rip-off is van Mintzkov. Mooi geprobeerd, jongeman, maar als je echt de kenner wil uithangen had je je huiswerk beter moeten maken en dan had je geweten dat Thou al ruim tien jaar aan de weg timmert, lang voor Mintzkov Luna Humo's Rock Rally won. In andere milieus hoor je weleens dat Thou het best bewaarde geheim is van de Belgische pop wereld. Ook dikke zever natuurlijk, want ze stonden al op Rock Werchter, toch niet meteen de kern van de underground, maar die uitspraak staat allicht dichter bij de waarheid. Niet alles wat Thou aanraakt verandert in goud maar met I Won't Go To Nashville, nieuwe single Cold Cold Heart en het lieflijke Breaking Up The Heart of a Girl hebben ze genoeg poppareltjes om jong en oud te bekoren.

65daysofstatic is de grote inspiratiebron voor de naam van mijn blog en de naam van het dj-collectief dat ik samen met Dave heb opgericht. Ik zag ze voor de derde keer live aan het werk. Van hun optreden op Pukkelpop herriner ik mij nog bitter weinig, maar dit jaar op Rock Herk kwam ik wel fel onder de indruk. In zaal waren mijn verwachtingen dan ook erg hoog en de gasten uit Sheffield losten die zonder probleem in. Het beste uit hun drie albums nemend, speelde 65dos wellicht het beste optreden van de drie die ik al mocht aanschouwen (ik had eens zin om een gekke, op-niet-veel-slaande zinsconstructie te gebruiken. Bij deze!).

Waar andere post-rock groepen rustig meanderend een bergpaadje volgen, stormt 65daysofstatic zonder aarzelen naar de top van de berg, regelmatig vallend, maar nooit omkijkend. Op hun best zijn ze wanneer ze hun geflipte-electronicadoos van The Fall of Math openen: alle kanten uitstuiterende electro met Mogwaiaanse uithalen. Hoogtepunt van de set kwam er halverwege met Radio Protector. Een gekke roadie (of whatever) die een beetje te veel exctasy binnen leek te hebben ging ongelooflijk hard uit zo'n dak en ook de bandleden lieten zich niet onbetuigd door volledig loos te gaan op hun respectievelijke instrumenten. Speciale vermelding hier voor de rotgetalenteerde drummer die wel vier armen leek te hebben. Bij momenten dacht je dat je naar een drumcomputer aan het luisteren was. Mag gerust naast Matt Tong en de kerel van Battles geplaatst worden.

Rustmomenten waren er in de set met de nummers uit de epische nieuwe plaat The Destruction of Small Ideas. Al is rust bij 65daysofstatic altijd een relatief begrip! Waar die nummers op plaat nog redelijk plat zijn, zijn het live serieuze djoeven op ouw bakkes! 65days is dan ook één van de meest intense en energieke live bands die er op dit moment op onze aardkloot rondtouren.

Minpuntjes? Ja, toch wel en geen kleintje! De mannen speelden Retreat! Retreat! niet! Hun beste nummer! Is het hun Creep of wilden ze de Belgische fans kennis laten maken met andere nummers? Geen idee maar het blijft jammer! (merk op dat er in deze alinea achter elke zin ofwel een uitroepteken ofwel een vraagteken staat!) Ter compensatie post ik het nummer dan maar zelf:



De samenwerking tussen geluidstovenaar Apparat en technokoningin Ellen Allien leverde vorig jaar met het wonderbaarlijke Orchestra of Bubbles één van mijn favoriete platen van 2006 op. Dat onze Duitse vriend het ook alleen kan bewees hij eerder dit jaar met het degelijke Walls en gisteren mocht hij zijn dj-kwaliteiten komen tentoonspreiden aan het Belgisch publiek. Sascha Ring, want dat is Apparat's echte naam, bracht voornamelijk minimal techno. Nu is dat een genre dat ik enorm kan waarderen als achtergrondmuziek bij m'n middagdutjes maar als dansmuziek in een club vind ik het allemaal iets te afgelikt en proper. Toen Apparat de bassen wat heviger liet knallen en er af en toe zelfs een streepje electro te bespeuren viel, gooide ik m'n benen toch los en zo werd het een goede voorbereiding op I Love Techno.

PS. nu je toch aan het lezen ben, kan je evengoed even doorklikken naar de blog van mijn klasmakker Tim aka Bodi. De wonderbaarlijke schrijfsels die uit zijn pen komen gevloeid kan je hier lezen en handelen vooral over fotografie. Lees vooral ook onze kwisavonturen van vorige week.